In de marge van de 39e Top van de Afrikaanse Unie, markeerde een strategisch partnerschap tussen het African Union Development Agency-NEPAD en Women for Women International een gestructureerde verschuiving in hoe genderbeleid op het continent wordt geformuleerd. In plaats van vrouwen te behandelen als begunstigden van ontwikkeling, positioneert het initiatief hen als economische actoren die centraal staan in inclusieve groei.
De overeenkomst sluit direct aan bij Agenda 2063, die oproept tot inclusieve en duurzame ontwikkeling verankerd in menselijk kapitaal. Onder leiding van AUDA-NEPAD en zijn partners richt het routekaart voor 2026-2028 zich op post-conflict, fragiele en klimaatgevoelige contexten waar de economische participatie van vrouwen beperkt blijft.
Het partnerschap schetst interventies op het gebied van financiële geletterdheid, digitale vaardigheden, ondernemerschap ondersteuning en verbeterde markttoegang. Deze maatregelen weerspiegelen groeiend bewijs dat door vrouwen geleide ondernemingen zinvol bijdragen aan productiviteit en veerkracht van huishoudens. Volgens de Wereldbank kan het dichten van genderkloven op arbeidsmarkten het BBP in ontwikkelingslanden aanzienlijk verhogen.
Belangrijk is dat het kader overlevende-gerichte reacties op gendergerelateerd geweld integreert. Economische empowerment en veiligheid worden behandeld als complementaire pijlers in plaats van afzonderlijke agenda's. Het agentschap UN Women heeft consequent benadrukt dat het aanpakken van GBV de economische participatie en sociale stabiliteit versterkt.
Naast programma-uitvoering streeft het initiatief ernaar de vertegenwoordiging van vrouwen in beleids- en investeringsdialogen op hoog niveau te vergroten. Deze dimensie is bijzonder relevant omdat Afrikaanse economieën middelen mobiliseren voor infrastructuur, klimaatadaptatie en post-conflict herstel. Betrokkenheid bij instellingen zoals kaders van de African Development Bank kan helpen om gendergevoelige investeringscriteria te integreren in bredere financieringsmodellen.
De aanwezigheid van multilaterale en particuliere actoren, waaronder UNDP en Absa Group, onderstreept dat het gesprek verschuift van pleitbezorging naar kapitaalallocatie. Investeren in vrouwen wordt steeds meer geframed als economische strategie in plaats van sociale uitgaven.
Het routekaart 2026-2028 legt de nadruk op fragiele en klimaatblootgestelde omgevingen. Zoals de Verenigde Naties opmerken, treft klimaatkwetsbaarheid vrouwen in landelijke en door conflicten getroffen gebieden onevenredig. Het integreren van vrouwen in klimaatveerkracht en vredesopbouw inspanningen versterkt daarom de stabiliteit op lange termijn.
Uiteindelijk is investeren in vrouwen in Afrika niet perifeer aan ontwikkeling. Het zit in de kern van economische transformatie. Wanneer door vrouwen geleide ondernemingen opschalen, wanneer geweld afneemt en wanneer financiële inclusie verdiept, worden huishoudens sterker en gemeenschappen stabieler. Als Agenda 2063 inclusieve groei moet leveren, moeten vrouwen centraal blijven staan in zowel beleidsontwerp als investeringsuitvoering.
Het bericht Women at the Centre of Africa's Growth verscheen eerst op FurtherAfrica.


